Auteursarchief: Ivo Giesen

Ivo Giesen

Over Ivo Giesen

Ivo Giesen is hoogleraar Privaatrecht, in het bijzonder aansprakelijkheidsrecht en burgerlijk procesrecht, aan de Universiteit Utrecht en programmaleider van het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law. Zijn werk is een zoektocht naar creatieve oplossingen voor hedendaagse maatschappelijke problemen binnen het aansprakelijkheids- en procesrecht, gefundeerd op het geldende recht, maar altijd naar buiten kijkend (interne rechtsvergelijking, externe rechtsvergelijking, psychologie, sociologie, economie, etc.) om inspiratie op te doen, en daarbij zonder aarzeling (oude) grenzen overschrijdend waar nodig.

Stuur e-mail | Profielpagina

De civielrechtelijke sanctionering van schendingen van de beginselen van burgerlijk procesrecht

Asser Procesrecht 1 Beginselen van burgerlijk procesrechtBegin december 2015 verscheen in de Asser Procesrecht-reeks een deel van mijn hand over ‘Beginselen van burgerlijk procesrecht’ (Wolters Kluwer: Deventer 2015). Daarin bespreek ik, na enkele Algemene beschouwingen, de leidende beginselen van het civiele procesrecht, vanuit Nederlands en Europees perspectief. Gevoed door het onderzoek naar en de analyse van de zeven besproken beginselen van procesrecht, heb ik in die Algemene beschouwingen een hoofdstuk opgenomen over ‘Sanctionering na schendingen van een beginsel van procesrecht’. Ik ontdekte in mijn onderzoek naar die zeven specifieke beginselen namelijk al snel dat de sanctionering van schendingen van die beginselen (welke vrijwel altijd ook als mensenrecht beschermd worden door artikel 6 EVRM en artikel 47 Handvest EU) in Nederland nogal stiefmoederlijk bedeeld is. Het thema wordt niet tot nauwelijks besproken in de doctrine en veel specifieke regels (via wetgeving of rechtspraak) zijn er ook al niet. Mitsdien weten wij ons eigenlijk nauwelijks raad met de sanctionering van dit soort schendingen. Ik meen dat dit een slechte zaak is, dat er dus dringend verbetering nodig is en dat er – gelukkig – ook een oplossing beschikbaar is.
Lees verder

Aansprakelijkheid voor dieren jegens medebezitters revisited: de Hoge Raad wijst af!

bijtende hondEnige weken blogde ik over de prejudiciële vraag aan de Hoge Raad over de mogelijke aansprakelijkheid op grond van art. 6:179 BW ten opzichte van de medebezitter van een dier. Ik concludeerde in dat Blog dat het met deze zaak, gegeven wat er lag aan argumenten, nog steeds alle kanten op zou kunnen, maar ik voorspelde ook dat de Hoge Raad die aansprakelijkheid zou moeten accepteren. Ik citeer: “De Hoge Raad volgt de lijn uit de Hangmat-zaak, want het daar (mijns inziens) dragende argument, dat van de gedeelde draagplicht (en dus gedeelde verantwoordelijkheid), geldt hier evenzeer.” Ik had gelukkig de helderheid van geest om nog een groot voorbehoud te maken (“Maar wat die analogie werkelijk waard blijkt te zijn, moeten we nog zien”) want niets bleek minder waar, zo liet de Hoge Raad ons op 29 januari weten (HR 29 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:162 (X./Delta Lloyd Schadeverzekeringen). Lees verder

Aansprakelijkheid voor dieren jegens medebezitters: landt de medebezitter in een gespreide hangmat?

bijtende hondDe risicoaansprakelijkheid van bezitters van dieren voor gedragingen (‘eigen energie’) van het dier zoals neergelegd in art. 6: 179 BW, is ontworpen ter bescherming van buitenstaanders, derden, net zoals dat het geval is bij de artt. 6:169-172 BW. Als mijn hond de buurman of een toevallige passant bijt, ben ik als bezitter aansprakelijk. Maar vaak zijn dieren in het bezit van meerdere personen tezamen:  het gezin Jansen heeft een hond of kat, en niet alleen vader Jansen of moeder Jansen. Als er inderdaad meerdere bezitters zijn, rijst de vraag of de risicoaansprakelijkheid van art. 6:179 BW  ook inroepbaar is door een van die medebezitters jegens een andere medebezitter, door mevrouw Jansen ten opzichte van meneer Jansen bijvoorbeeld. Dit soort vragen zijn niet alleen theoretisch interessant, maar spelen ook in de rechtspraktijk.

Lees verder

Een Constitutioneel Hof in Nederland? Zuid-Afrika en wrongful life als voorbeeld…

contcourtlogoIn Nederland staat al jaren – en met name ook de afgelopen tijd weer – ter discussie of constitutionele toetsing een instrument is dat onze rechtsorde zou kunnen verrijken, naast de al bestaande toetsing aan verdragen zoals het EVRM. Daarop aansluitend rijst tevens de vraag of wij ook een Constitutioneel Hof, als een zelfstandige rechterlijke instantie, zouden moeten introduceren.  De consequenties daarvan zijn in potentie enorm, wat betekent dat deze discussie voor alle rechtsbeoefenaars, niet alleen publiekrechtelijk georiënteerde juristen maar ook bijvoorbeeld civilisten, van groot belang is. Ik neem u graag kortstondig mee naar Zuid-Afrika om u te laten zien wat voor invloed een zelfstandig grondwettelijk Hof kan hebben op het privaatrecht in het algemeen en het civiele aansprakelijkheidsrecht in het bijzonder. Lees verder

Veiligheid en aansprakelijkheid van secundaire daders: een groeisector?

Bloemenzee_voor_winkelcentrum_de_RidderhofIn diverse semipublieke sectoren wordt door private instellingen (ziekenhuizen, woningcorporaties, scholen, etc.) aan de lopende band uitvoering gegeven aan wat in essentie publieke taken zijn. Dit is mede terug te voeren op de heersende privatiseringstendens. Als gevolg van deze tendens zijn er ook nieuwe ontwikkelingen en vragen te verwachten voor het aansprakelijkheidsrecht. Eén van de vragen betreft de kwestie van wat in de Verenigde Staten onder de noemer inadequate security wordt geschaard. In Nederlandse termen: aansprakelijkheid voor het op ontoereikende wijze waarborgen tegen inbreuken op de (fysieke) veiligheid door derden. Lees verder

Aansprakelijkheid na de schietpartij in Alphen aan den Rijn: hoe onbegrijpelijk kan rechtspraak – en het relativiteitsvereiste – zijn?

media_xl_571812Op 4 februari jl. deed de Rechtbank Den Haag uitspraak (ECLI:NL:RBGHA:2015:1061) in de zaak van 51 eisers (slachtoffers en nabestaanden) tegen de Politieregio Holland Midden over de schietpartij in het Alphense winkelcentrum De Ridderhof op 9 april 2011. Daarbij werden 6 personen gedood en 16 personen verwond door dader Tristan van der V., waarna hij zichzelf om het leven bracht. Inzet van de procedure was de mogelijke aansprakelijkheid van de Politieregio, althans de korpschef, in verband met vermeende fouten bij de verlening van de wapenvergunning aan Van der V. Gegeven diens antecedenten had die vergunning, zo stellen de eisers, niet verleend mogen worden. De Rechtbank oordeelt dat de politie in strijd met de wet handelde, maar toch niet aansprakelijk is. Die uitkomst roept vragen op. Lees verder

Punitive Damages: bestraffend en dus een ‘criminal charge’, maar wat dan?

euro-96289_640Het debat over nut en noodzaak van ‘punitive damages’ heeft een nieuwe impuls gekregen met het verschijnen van het fraaie proefschrift van Lotte Meurkens eind december 2014. Een vraag die echter niet volledig beantwoord wordt in deze studie, is of punitive damages als sanctie op onrechtmatig gedrag op grond van artikel 6 EVRM als een ‘criminal charge’ heeft te gelden of niet. Het antwoord op die vraag is niet zonder consequenties.
Lees verder