Categorie archief: Beweging in het Aansprakelijkheidsrecht

De rechtszaken over de gaswinning in Groningen vragen om daadkracht

Op 1 maart besliste de Rechtbank Noord-Nederland dat de Groningers in het gaswinningsgebied een vergoeding voor immateriële schade (leed) toekomt, omdat hun recht op een veilige woonomgeving en persoonlijke levenssfeer op ernstige wijze is doorkruist door de NAM. De gedupeerden hebben stress, zijn bang voor hun veiligheid en die van hun dierbaren, hebben financiële zorgen en het is onzeker of en wanneer dit gaat eindigen. De aardbevingen in Groningen vormen op dit moment een van de belangrijkste maatschappelijke problemen in Nederland. Het wordt hoog tijd dit niet alleen te erkennen, maar ook om daadkrachtig op te treden.

Lees verder

Class action Dutch style. Het kind en het badwater

Class actionIn een Ucall blog van september vorig jaar is melding gemaakt van het wetsvoorstel tot invoering van een collectieve schadevergoedingsactie dat toen nog voor advies bij de Raad van State lag. Inmiddels is dit wetsvoorstel op 16 november 2016 aan de Tweede Kamer gezonden. In deze blog wordt ingegaan op de voorwaarden die in het wetsvoorstel aan het gebruik van zowel de (nieuwe) collectieve schadevergoedingsactie als de (oude) collectieve actie in ruime zin worden gesteld. De vraag moet worden gesteld of die voorwaarden niet onnodig ten koste gaan van de handhaving van consumentenrechten en de effectiviteit van de civiele collectieve actie zoals die al jaren met veel succes in praktijk wordt gebracht. Dreigt het kind met het badwater te worden weggegooid?

Lees verder

Verantwoordelijkheid voor BGK

hamerBuitengerechtelijke kosten, vaak afgekort als BGK, zijn een belangrijk verschijnsel in de rechtspraktijk. Dat geldt in het bijzonder voor de letselschadepraktijk. Het betreft echter een onderwerp dat veel stof doet opwaaien en aanleiding geeft tot veel verzuchtingen. Nu alle betrokkenen juist gebaat zijn met een vlotte en transparante afwikkeling van schade, is het belangrijk dat de aanhoudende discussies worden beslecht. Het is de vraag hoe dit gestalte kan krijgen. Lees verder

De ‘Yuridisering’ van Nederland

hoge-raad-2De Olympische Spelen in Rio brachten afgelopen augustus mooie sport en zinderende spanning, maar ook, via het kort geding dat turner Yuri van Gelder aanspande nadat hij uitgesloten werd van deelname, het besef dat de juridisering van de samenleving ook in Nederland hard toegeslagen heeft. Niets geen ‘Amerikaanse’ toestanden, maar ‘Hollands welvaren’, zo lijkt het.

Lees verder

De Wet Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad: een succesverhaal

hoge-raad-%282%29De ‘Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad’ (hierna: Wpv) maakt het voor de civiele feitenrechter (rechtbank en hof) mogelijk om gedurende een civiele procedure en alvorens daarin een einduitspraak te doen, prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad. In het recent verschenen boek ´De Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad´ wordt de werking van de Wpv in het civiele recht geëvalueerd. Daarnaast is onderzocht of het mogelijk is om deze procedure ook in het strafrecht in te voeren. Op grond van een literatuurstudie en interviews met betrokkenen bij de procedure, is geconcludeerd dat de Wpv in het civiele recht een onverdeeld succes is en invoering in het strafrecht opportuun is. De Minister van Veiligheid en Justitie gaf in zijn reactie aan het Parlement  aan dat hij de conclusie van het rapport onderstreept en de aanbevelingen overneemt. Hieronder behandelen wij de belangrijkste bevindingen van het genoemde onderzoek naar het functioneren van de prejudiciëlevraagprocedure in het civiele recht. Hoewel de betrokkenen bij de regeling (zéér) positief zijn over de regeling, sluiten we af met enkele kritische(re) noten.
Lees verder

Collectieve schadevergoedingsactie in zicht

blog-keirseDe roep om een collectieve schadevergoedingsactie wordt luid gehoord en is brandend actueel. Er is een nieuw Nederlands wetsvoorstel in wording dat de afwikkeling van massaschade in een collectieve actie mogelijk maakt. Over ongeveer een week zal de Raad van State advies uitbrengen over dit voorstel. Als alles positief verloopt, zal het wetsvoorstel vervolgens worden ingediend bij de Tweede Kamer en dan ook openbaar worden gemaakt. Daarbij zal Nederland – evenals de andere Europese lidstaten dit jaar voor het eerst – verslag moeten uitbrengen aan de Europese Commissie over de maatregelen die genomen zijn ter uitvoering van de in de Europese Aanbeveling vervatte beginselen voor collectief verhaal. Belangrijke vragen waarmee wordt geworsteld, betreffen de criteria die gesteld moeten worden aan de kwaliteit en de ontvankelijkheid van de organisatie die de collectieve (schadevergoedings)actie aanbrengt, de mate waarin gedupeerden gebonden zijn aan de uitkomst van de procedure en de wijze van schadevaststelling en –vergoeding.
Lees verder

Rechtsvorming door feitenrechters: vooralsnog meer vragen dan antwoorden

Vrouwe justitia2Het is een bekend fenomeen dat Nederlandse (hoogste) rechters in hun rechtspraak in beginsel alleen wijzen op hun rechtsvormende taak wanneer de beantwoording van een bepaalde rechtsvraag buiten die taak ligt, en niet wanneer zij daadwerkelijk aan rechtsvorming doen (vergelijk J.B.M. Vranken, Algemeen Deel**, Zwolle: Tjeenk Willink 1995, nr. 241). Dit maakt dat het herkennen van rechterlijke rechtsvorming vaak lastig is en dat onduidelijk blijft waar die rechtsvormende taak bestaat en hoe ver die reikt. Niettemin is het veilig om te zeggen dat van rechterlijke rechtsvorming sprake is als een rechter het geldende recht vaststelt en de betekenis ervan verder strekt dan het specifieke geschil dat met die uitspraak wordt beslecht. Tot eenzelfde omschrijving is onlangs IJzermans gekomen (M.G. IJzermans, ‘Legitimiteit door dialoog in de rechtszaal’, RMThemis 2016, p. 13-25). Het interessante aan die bijdrage is dat zij ook ingaat op de rechtsvormende praktijk van de feitenrechters. Traditioneel wordt rechterlijke rechtsvorming immers vooral besproken aan de hand van de rechtspraak door de Hoge Raad. Toch zijn er meerdere voorbeelden te noemen waarin het de feitenrechter is die optreedt als rechtsvormer. Hoewel rechtsvorming in alle rechtsgebieden voorkomt, beperken wij ons tot het onrechtmatige daadsrecht. In deze blog zullen wij voorbeelden uit dit rechtsgebied bespreken en daarna een aantal vragen opwerpen die relevant zijn voor de rechtsvormende praktijk van de feitenrechter.
Lees verder

Nieuws over het aansprakelijkheidsrecht en het aansprakelijkheidsrecht in het nieuws

Microfoons1Op 1 april 2016, in het Paleis van Justitie te Wenen op de 15th Annual Conference on European Tort Law, passeerden de ontwikkelingen van het aansprakelijkheidsrecht in Europa de revue. Deskundigen uit negenentwintig Europese landen presenteerden de hoogtepunten van het aansprakelijkheidsrecht van het jaar 2015. Nieuwe wetgeving, spraakmakende rechtszaken en Europese lijnen van ontwikkeling werden uiteengezet. Meerdere zaken haalden niet alleen de agenda van dit jaarcongres, maar ook het nieuws in binnen- en buitenland. Media-aandacht zet de inzet van het geding kracht bij, althans aan een van beide zijden. Dat geldt te meer als daarbij ook belangen van derden in het spel zijn. Lees verder

Les uit België? Staatsaansprakelijkheid wegens onrechtmatige rechtspraak

organisationOp 30 juni 2014 heeft het Grondwettelijk Hof van België een ook voor Nederland interessant arrest gewezen (Grondwettelijk Hof 30 juni 2014, R.W. 2014-2015, p. 1573-1582, m.nt. Van Oevelen). Dat arrest is, voor zover te overzien, nog niet in de Nederlandse literatuur besproken, maar ik verwacht dat dit snel gaat veranderen. In het arrest komt namelijk onder meer tot uitdrukking dat het Belgisch Grondwettelijk Hof in een zuiver nationaalrechtelijke zaak aangaande het leerstuk van staatsaansprakelijkheid wegens onrechtmatige rechtspraak rekening houdt met de Köbler-rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ 30 september 2003, C-224/01, ECLI:EU:C:2003:513; AB 2003/429, m.nt. Widdershoven). Het voorgaande roept de vraag op welke les uit het arrest van Grondwettelijk Hof van België voor Nederland kan worden getrokken?
Lees verder

De Oslo Principles: zijn de gevaren van ‘climate change’ juridisch te redresseren?

Climate change - ijsbeerOp 1 maart 2015 werden de Oslo Principles on Global Climate Change Obligations aangenomen. Het betreft hier, aldus de preambule bij die Principles, ‘a set of Principles that comprise the essential obligations States and enterprises have to avert the critical level of global warming’. Deze principes, die aldus neerleggen welke juridische verplichtingen staten en bedrijven hebben om de effecten van klimaatverandering een halt toe te roepen, lijken nog niet erg bekend in Nederland – al komt daar wellicht verandering in met de recente publicatie van de Spier-bundel – en roepen ook wel enkele vragen op. Die onbekendheid is betreurenswaardig, omdat de maatschappelijke kwestie die door de Principles aangesneden wordt, ons allen (en de generaties na ons) aangaat.
Lees verder