Auteursarchief: Emanuel van Dongen

Emanuel van Dongen

Over Emanuel van Dongen

Dr. Emanuel van Dongen is als Universitair Hoofddocent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht. Daarnaast verricht hij onderzoek op het gebied van het civiele aansprakelijkheidsrecht en rechtspleging vanuit een historisch en comparatief perspectief. Hij is als onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law en aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging.

Stuur e-mail | Profielpagina

Vindt Nederland het redelijk dat de Staat de schade van politie-invallen draagt?

In de zaak Staat/Wherestad centraal lag de vraag voor of de schade aan woningen van verhuurder Wherestad, veroorzaakt door strafvorderlijk optreden van de politie, buiten het normaal maatschappelijke risico (het normale bedrijfsrisico) van die verhuurder viel. Door Hof en Hoge Raad wordt ‘het naar maatschappelijke opvattingen redelijk geacht dat de Staat de schade draagt die aan derden (buitenstaanders) wordt toegebracht bij een politie-inval in het kader van een strafvorderlijke opsporingsonderzoek.’ De Hoge Raad benut een maatschappelijke opvatting als bouwsteen voor zijn juridisch oordeel zonder daarbij die maatschappelijke opvatting ook nog empirisch te funderen. Wij zette een vragenlijst uit om deze vraag nader te beantwoorden. In deze blog gaan wij in op de opvatting van ‘de maatschappij’ over normaal maatschappelijk risico, zoals dat bleek uit ons empirisch onderzoek, en op de vraag of dat dan strookt met de invulling die het hof (en de Hoge Raad, doordat deze het Hof niet corrigeert) daaraan gegeven hebben.

Lees verder

Judicial activism in 20th Annual Conference on European Tort Law

Each year, in the week after Easter, the most significant developments of the past year in the field of tort law in Europe are discussed at the Annual Conference on European Tort Law, organized by the European Centre of Tort and Insurance Law (ECTIL) and the Institute for European Tort Law (ETL). Experts from across Europe present the highlights of their contributions to the Yearbooks European Tort Law, which are published yearly. UCALL members Emanuel van Dongen and Anne Keirse represent the Netherlands. At the 20th Annual Conference on European Tort Law that took place online on 8-9 April 2021, Emanuel van Dongen spoke about an important case of 2020 from our country: the question of responsibility of the Dutch State to repatriate women and children who left to the Islamic State in Syria. This blog shortly summarizes this contribution.

Lees verder

Gewelddadige gedragingen in groepsverband bij uitgaansgelegenheden

Binnen Ucall is het afgelopen jaar door een aantal onderzoekers vanuit diverse rechtsgebieden onderzoek gedaan naar enkele van de vele assumpties waarvan de rechtspraak zich bedient in haar uitspraken. Met de term ‘assumptie’ doelen wij op een betwistbare empirisch georiënteerde aanname van de rechter als onderdeel van zijn argumentatie, betwistbaar in die zin dat het de vraag is of de assumptie wel afdoende gegrond is in de empirie. Een tiental bijdragen waarin dergelijke assumpties aan een kritisch beschouwing worden onderworpen, zijn bijeengebracht in de binnenkort (maart 2019) te verschijnen Ucall-bundel ‘Assumpties annoteren’ (Den Haag: Boom Juridisch 2019, onder redactie van I. Giesen, S. Wiznitzer, A. Keirse & W.S. de Zanger). Voordat die bundel verschijnt, zullen op deze website alvast enkele ‘appetizers’ in de vorm van een Blogpost over de resultaten van dat project verschijnen.

Hierbij gaat nummer 3 in die reeks, door Emanuel van Dongen: Lees verder

Het Kelderluik-arrest: van niet zo revolutionair naar niet meer weg te denken

Duchateau had haast op 23 februari 1961: hij had eerder die dag wat gedronken, en hij moest nodig naar het toilet. Zijn val in het kelderluik van café De Munt te Amsterdam en de daaropvolgende procedure tegen Coca-Cola zijn alom bekend in juridisch Nederland. Maar weten we eigenlijk precies van de Kelderluik-zaak wat we daarvan zouden moeten weten? Hoe paste de Kelderluik-zaak binnen de destijds geldende regels inzake de ‘onregtmatige daad’ (art. 1401 (oud) BW)? Werd het al meteen als baanbrekend gezien? Recent rechtshistorisch dossieronderzoek in het Noord-Hollands Archief en het Nationaal Archief en literatuuronderzoek schijnt nieuw licht op deze kwesties. Deze blog doet daarvan kort verslag (zie uitvoeriger: E.G.D. van Dongen & I. Giesen, Het Kelderluik-arrest: van niet zo revolutionair naar niet meer weg te denken, RM Themis 2018/2, p. 67-78). Lees verder

Waar rechtshistorisch onderzoek van belang kan zijn voor de beantwoording van een praktijkvraag – een voorbeeld

 

Huis met rekenmachineOp dinsdag 8 december 2015 vindt de executoriale verkoop van de woning van dhr. X plaats. Hoogste bieder op de veiling is Y, aan wie de woning door de hypotheekhouder wordt gegund. De koopovereenkomst is dus tot stand gekomen. Zes weken later betaalt Y de koopprijs en wordt de woning aan hem geleverd. Na de levering wordt de executieopbrengst verdeeld. Vlak voor de levering een schuldeiser van X beslag heeft gelegd op de woning. De vraag die opkomt is of deze schuldeiser meedeelt bij de verdeling van de executieopbrengst. Het antwoord op deze vraag is niet alleen van belang voor deze schuldeiser en de gerechtigden tot de executieopbrengst, maar ook voor de notaris. Op grond van art. 3:270 lid 6 BW is hij (naast de Staat) hoofdelijk aansprakelijk bij het niet nakomen van zijn verplichtingen bij de verdeling van de executieopbrengst. Lees verder

Bijna 100 jaar na dato: de uitspraak van de Hoge Raad in HIJSM/Morré opgehelderd?

FRANKFURT-VROUWE JUSTITIADe afbakening tussen de verantwoordelijkheid van de schadeveroorzaker en de benadeelde is al vele eeuwen onderwerp van discussie (zie over eigen schuld in rechtshistorisch perspectief, Van Dongen, Contributory negligence (2014)). Eeuwenlang gold in de Europese continentale traditie een zogenoemd alles-of-niets beginsel wat inhield dat ofwel de schade geheel werd vergoed ofwel, bij het aannemen van eigen schuld, in het geheel geen vergoeding werd toegekend. Ook in Nederland gold dit totdat in 1916 de Hoge Raad ‘omging’ in de zaak HIJSM/Morré. Lees verder