Categorie archief: Beweging in het Aansprakelijkheidsrecht

Ruimer baan voor smartengeld bij inbreuken op fundamentele rechten? Een reactie op HR 15 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:376

Leed of verdriet komen in het schadevergoedingsrecht slechts in enkele, door de wet benoemde gevallen voor vergoeding in aanmerking. De algemene regeling hiervoor biedt artikel 6:106 BW. Wanneer de benadeelde niet is aangetast in zijn eer of goede naam en geen lichamelijk letsel heeft, is nodig dat hij ‘op andere wijze in zijn persoon is aangetast’ (behoudens in de bijzondere categorieën van sub a en c van artikel 6:106, lid 1 BW, die hier zullen blijven rusten). Deze ‘vangnetcategorie’ wordt al jaren tamelijk strak beteugeld.  Lees verder

Relativiteitsbenadering bij EU-aansprakelijkheid: gewenste resultaat?

Iedereen kent het, gebouwen moeten een energielabel hebben over hoe energie(on)zuinig een gebouw is. Deze verplichting is gebaseerd op EU-milieuregelgeving. Vele bedrijven hebben in die markt vooruitlopend en onder aanmoediging van de overheid investeringen gedaan, zoals het opleiden van personeel voor het kunnen afgeven van een energielabel. Kunnen die bedrijven jegens de Staat met succes schadevergoeding vorderen als de Staat die EU-milieuregelgeving niet of onjuist implementeert? Daarover gaat de hier besproken zaak EnergyClaim. Lees verder

Enforcement of Regulation 261/2004 and untransferable compensation claims. A blog about Court of Oost Brabant of 28 June 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:3169

Your flight is delayed. You arrive at your destination more than three hours late. You’ve heard of Regulation 261/2004 (hereafter: Reg261) that entitles you to € 400 compensation for that delay. Perhaps you call the airline and ask for compensation. You are told to fill out a web form on the airline’s website. After weeks of silence, you call again. The customer service asks you to fill out the same web form once more. You send a rather annoyed e-mail about the delay, your complaint, and your feelings about customer care services in general. You receive an e-mail in which you are thanked for choosing the airline’s service, followed by an expression of regret for the delay of the flight in question, and a notification that – unfortunately – you are not eligible for compensation because the delay was caused by an extraordinary circumstance which exonerates the airline from paying compensation.
Lees verder

Het Kelderluik-arrest: van niet zo revolutionair naar niet meer weg te denken

Duchateau had haast op 23 februari 1961: hij had eerder die dag wat gedronken, en hij moest nodig naar het toilet. Zijn val in het kelderluik van café De Munt te Amsterdam en de daaropvolgende procedure tegen Coca-Cola zijn alom bekend in juridisch Nederland. Maar weten we eigenlijk precies van de Kelderluik-zaak wat we daarvan zouden moeten weten? Hoe paste de Kelderluik-zaak binnen de destijds geldende regels inzake de ‘onregtmatige daad’ (art. 1401 (oud) BW)? Werd het al meteen als baanbrekend gezien? Recent rechtshistorisch dossieronderzoek in het Noord-Hollands Archief en het Nationaal Archief en literatuuronderzoek schijnt nieuw licht op deze kwesties. Deze blog doet daarvan kort verslag (zie uitvoeriger: E.G.D. van Dongen & I. Giesen, Het Kelderluik-arrest: van niet zo revolutionair naar niet meer weg te denken, RM Themis 2018/2, p. 67-78). Lees verder

De NOM-clausule in het Engelse recht naar aanleiding van het arrest Rock Advertising Limited v MWB Business Exchange Centres Limited [2018] UKSC 24

Het leven kan simpel zijn, maar er zijn altijd wel een paar juristen beschikbaar die deze eenvoud ruw willen verstoren. Of is het een kwestie van ‘don’t shoot the messenger’ en worden gewone mensen of bedrijven door diezelfde juristen gewezen op het vertonen van inconsistent gedrag? 

In een recent arrest van het Supreme Court van het Verenigd Koninkrijk – hierna: Rock Advertising genoemd –, speelt een ogenschijnlijk eenvoudig, maar niettemin principieel juridisch contractenrechtelijk probleem: dat van de betekenis en geldigheid van een non oral modification clause (de NOM-clausule). Dit arrest is ook gesignaleerd door Drion in het Nederlands Juristenblad (NJB 2018/996). Over de in dit arrest vervatte problematiek hebben vanuit nationaalrechtelijk perspectief recentelijk Van Wechem en Schelhaas een mooie bijdrage geschreven in het tijdschrift Contracteren (Contracteren 2017/2, p. 47-52). Ik beperk me in deze signalering tot een korte schets van de feiten, de uitspraak naar Engels recht en ik ga daarbij in op de geldigheidskwestie van de NOM-clausule, de doctrine van de ‘promissory estoppel’ en het leerstuk ‘consideration’. Lees verder

(Zelf)Regulering van en in het privaatrecht: op zoek naar een ‘ReL’?

Er is op dit moment alle aanleiding – geen zorg, ik licht dat hieronder toe – om de vraag naar de verantwoordelijkheid van de privaatrechtelijke wetgever, mede in relatie tot de civiele rechter, opnieuw aan de orde te stellen. Dat betekent in het huidige tijdsgewricht wel dat daarbij tevens een derde groep van (neutraal geformuleerd) ‘regelmakers’ in de beschouwing moet worden meegenomen. Het gaat dan om de private actoren (als in: de markt, de branches) die bij het uitvaardigen van ‘regelgeving’ betrokken zijn; kortom, zelfregulering of alternatieve regelgeving. Dat fenomeen roept namelijk de vraag op: wanneer moet de wetgever optreden en wanneer laat deze private actoren aan het roer?  Lees verder

Een ‘landmark’ arrest in het Engelse recht: schadevergoeding na wanprestatie (weer) back to basics!

Morris-Garner and another (Appellants) v One Step (Support) Ltd (Respondent) [2018] UKSC 20

Aan de overkant van de Noordzee bedrijft men ook privaatrecht, dat mag geen verrassing heten. Geen wetboeken, geen parlementaire geschiedenis, maar ‘decisions’: rechtspraak vormt de ruggengraat van de bekende, maar hier te lande soms ook gevreesde, ‘common law’. Maar wat is het soms een feest om in één enkele uitspraak op uiterst leesbare wijze een geheel onderdeel van het privaatrecht zo eloquent over het voetlicht te zien gebracht. Lees verder

Ongezond en (on)geoorloofd; vrij of veilig?

(Volks)gezondheidsproblemen die gepaard gaan met roken, alcohol, suiker, transvetten en andere legale maar (potentieel) gezondheidsbedreigende producten, halen dagelijks het nieuws. Vanuit alle hoeken van de maatschappij wordt geroepen om gedrags- en beleidsaanpassing. Wat is de rol die het recht speelt, kan spelen en moet spelen ter bestrijding van de verwezenlijking van legale maar gezondheidsbedreigende risico’s? De zoektocht naar deze rol is de rode draad van het boek Ongezond en (on)geoorloofd. Publiek-en privaatrecht & legale, maar gezondheidsbedreigende producten en diensten dat op 18 mei 2018 op het Ucall-Jubileumcongres wordt gepresenteerd. Het boek draait om de vragen aan wie het is om in te grijpen en met welke (rechts)middelen, als schade dreigt als gevolg van legale maar gezondheidsbedreigende producten en diensten in het algemeen, en een aantal specifieke in het bijzonder. Lees verder

Land grabbing as a tort; balancing legal certainty with justice in individual cases

Each year in the week after Easter the most significant developments of the past year in the field of tort law in Europe are discussed at the Annual Conference on European Tort Law in Vienna. This conference welcomes practitioners and academics not only from Europe, but from all over the world. Experts from across Europe present the highlights of their contributions to the Yearbooks European Tort Law, which are published yearly. At the 17th Annual Conference on European Tort Law that took place at the Austrian Ministry of Justice and the Austrian Academy of Science in Vienna on 5-7 April 2018, I represented the Netherlands and spoke about a case in which the Dutch Supreme Court balanced legal certainty with justice by prolonging the prescription period of a right of action in case of land grabbing. When legal certainty and justice are struggling for supremacy, as is the case in prescription law, the question is whether the one predominates over the other. Lees verder

Twee blije WhatsApp-ers over affectieschade

Noot vooraf van de redactie: Via het e-mailadres van de Ucall blogcommissie ontvingen wij, de redactie van het Ucall weblog, hedenochtend de onderstaande tekst. Naar het zich laat aanzien betreft het een WhatsApp-conversatie tussen twee Ucall’ers over de acceptatie van de vergoeding van affectieschade in Nederland. Of het de bedoeling was om deze reeks berichten ter publicatie aan te bieden, weten we niet, maar de actualiteit van het thema  rechtvaardigt dat wel. Voor vragen of nadere duiding kunt u zich vervoegen bij de auteurs.  Lees verder