Collectieve schadeactie van de Wamca strijdig met de AVG?

Twee maanden geleden deed de rechtbank Amsterdam uitspraak ter zake van de collectieve schadevordering van de stichting The Privacy Collective (TPC) namens internetgebruikers tegen softwarebedrijven Oracle en Salesforce. De media karakteriseerden de uitspraak als een ‘gevoelige nederlaag’ en een ‘koude douche’: TPC werd niet-ontvankelijk verklaard. Daarmee blijft vooralsnog onbeslist of deze bedrijven collectief schadevergoeding verschuldigd zijn wegens het op grote schaal schenden van de AVG. De rechtbank komt bovendien niet toe aan een belangrijke rechtsvraag die deze zaak opwerpt: staat artikel 80 AVG in de weg aan een collectieve vordering tot schadevergoeding wegens schending van de AVG? In dit blog sta ik kort stil bij de gevolgen van deze uitspraak en betoog ik dat uitsluiting van collectieve schadeprocedures ingevolge de Wamca bij AVG-schendingen onwenselijk zou zijn.

Lees verder

De dreigende werking van klimaataansprakelijkheid van financiële instellingen

A coal fired power plant on the Ohio River just West of Cincinnati

Klimaatverandering brengt ook voor financiële instellingen aansprakelijkheidsrisico’s met zich. Wanneer financiële instellingen in hun bedrijfsvoering rekenschap willen geven van die risico’s kunnen zij in een spagaat belanden. Enerzijds kunnen zij, om de aansprakelijkheidsrisico’s te verkleinen, bepaalde zakelijke relaties preventief weren en/of (lang)lopende relaties voortijdig stopzetten. Anderzijds kan die praktijk als zodanig, zo leren ervaringen in het kader van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, ook juridische implicaties hebben. Duidelijke wettelijke regels over de verplichtingen van financiële instellingen in het tegengaan van klimaatverandering zijn daarom meer dan welkom. Idealiter komt die duidelijkheid van de  (Europese) wetgever. Aannemelijker is het dat de civiele rechter die sturing van geval tot geval op basis van open normen zal moeten geven en het dus nog wel een tijdje duurt voordat we die duidelijkheid hebben.

Lees verder

De kost gaat voor de baat uit; ten bate van wie staan we een collectieve actie toe?

Collectieve acties en de financiering ervan zijn de afgelopen twee weken nauwelijks uit het nieuws geweest. In de Nieuwsuur-uitzending van 8 februari gaat advocaat Jeroen Kortmann in op de privacyclaim vanwege het datalek bij de GGD. Callcentermedewerkers van de GGD konden bij de privégegevens van iedereen die een coronatest liet uitvoeren. De claimstichting ICAM komt voor de 6,5 miljoen gedupeerden op met een claim van EUR 3 miljard. Niet alleen de gedupeerden zullen van een schadevergoeding financieel beter worden; de procesfinanciers ontvangen 20 % van de schadevergoeding, met een maximum van vijf keer de kosten van de zaak. Willem van Nijnanten, directeur van Liesker Procesfinanciering noemt dit redelijk. terwijl Kortmann juist pleit voor meer regulering: zonder toezicht op claimclubs en financiers is het wachten tot het een keer verkeerd gaat. In dit blog licht ik het belang van derdenfinanciering toe, duid ik de roep om regulering en geef ik kort aan wat de (Europese) wetgever op dit vlak onderneemt.

Lees verder

Am I my mother’s keeper? Subsidiary accountability for acts of the parent

In 2016, the European Commission decided that 15 European truck manufacturers, including Daimler, had participated in an illegal cartel. A Spanish transport company Sumal subsequently brought an action for damages before a Spanish national court seeking to obtain damages from Mercedes Benz Trucks España because of the infringement by Daimler, the parent company of Mercedes Benz Trucks España. In October 2021, the European Court of Justice (ECJ) ruled on prejudicial questions referred to it by the Spanish court of appeal, clarifying the concepts of ‘undertaking’ and ‘economic unit’. In this blog, I examine this ruling and argue that it expands the reach of private enforcement in competition law cases, and that the reasoning of the ECJ can affect liability issues in other areas of law.

Lees verder

Waarom we moeten nadenken over de grenzen van het risicostrafrecht

Culture of control, actuarial justice, the preventive state: dit zijn niet de titels van een reeks science fiction-films of dystopische romans. Het zijn beschrijvend bedoelde benamingen van het strafrecht in de eenentwintigste eeuw zoals die in de criminologische literatuur worden gebruikt. Al deze theorieën benadrukken het grote belang dat in Westerse samenlevingen sinds enkele decennia aan misdaadpreventie wordt gehecht. In deze blogpost beschrijf ik deze ontwikkeling vanuit het perspectief van het Nederlandse strafrecht en stip ik enkele fundamentele problemen aan die ermee samenhangen.

Lees verder

Opvattingen onderzoeken: hoe verder?

Dit is de laatste bijdrage in de reeks blogs over de bundel ‘Opvattingen onderzoeken’. Daarin zoomen we uit: wij bekijken wat de al eerder gedeelde deelresultaten potentieel betekenen voor het gebruik van maatschappelijke opvattingen door de rechter. Maakt de rechter meestal een goede inschatting? Of zit hij er soms of zelfs vaak naast als het om de invulling van een maatschappelijke opvatting gaat? Wat betekenen onze deelresultaten voor het juridische concept ‘maatschappelijke opvattingen’? Hoe wenselijk is het gebruik van maatschappelijke opvattingen voor juridische oordeelsvorming eigenlijk? Moeten we afstappen van ‘de maatschappelijke opvatting’ als juridische maatstaf?

Lees verder

Wanneer worden gedragingen van natuurlijke personen aan de rechtspersoon toegerekend?

Binnen het verband van een onderneming kunnen werknemers op allerlei manieren gedragingen verrichten die onrechtmatig en zelfs strafbaar zijn. Denk aan het lozen van chemisch afval in een nabijgelegen rivier. Een vraag die in een dergelijk geval opkomt, is of ook de onderneming hierdoor onrechtmatig of strafbaar handelt en zodoende of de schade ook verhaald kan worden op de onderneming en/of straffen en maatregelen aan de onderneming kunnen worden opgelegd. Om de onderneming aansprakelijk te kunnen stellen voor de onrechtmatige daad of het strafbare feit dient de onrechtmatige gedraging van de natuurlijke persoon aan de onderneming te kunnen worden toegerekend. Voor toerekening aan de onderneming is relevant of de gedraging van de natuurlijke persoon in het maatschappelijk verkeer als gedraging van de onderneming heeft te gelden. Maar wat geldt er nu in het maatschappelijk verkeer? Maakt het voor toerekening uit of de natuurlijke persoon een bestuurder is van de onderneming, behoort tot het middenmanagement, of iemand op de werkvloer is? Het is deze laatste vraag die wij voor de bundel ‘Opvattingen onderzoeken’ empirisch hebben onderzocht. 

Lees verder

Risicoverdeling in geval van gebruik van ongeschikte medische hulpmiddelen

De discussie over wie aansprakelijk is voor de schade als gevolg van het gebruik van ongeschikte medische hulpmiddelen, houdt de juridische gemoederen al enkele decennia bezig. Dat is niet voor niets: het gaat om zaken waarin patiënten worden geconfronteerd met schadelijke neveneffecten van medische hulpmiddelen. Dat kan ernstige gezondheidsschade tot gevolg hebben, soms zelfs van blijvende aard. Zo ontstond in het verleden letsel als gevolg van het gebruik van voorbehoedsmiddelen, borstimplantaten, metaal-op-metaal-heupprothesen, bekkenbodemmatjes en ‘kussentjes’ die worden gebruikt om een netvliesloslating te behandelen (miragelplombe). In dit blog gaan we in op maatschappelijke opvattingen rond aansprakelijkheid voor deze schade.

Lees verder

The Immunity of the Holy See in Sexual Abuse Cases – the ECtHR decides J.C. v Belgium

In multiple countries, allegations of sexual abuse in the Catholic Church have led to lawsuits against dioceses and clergy, and the establishment of investigation and claims commissions. However, because of the relatively muted response of the Holy See to the scandals, in some countries, victims have also filed tort suits in domestic courts against the Holy See directly. This has, for instance, happened in the United States, but also in Belgium. In 2011, a group of victims filed suit in the District Court of Ghent against, among other defendants, the Holy See. The victims asked the court to hold the Holy See liable in tort for its failure to take action against the abuses. The District Court and, subsequently, the Court of Appeal dismissed the claim on the ground that the Holy See enjoys immunity from suit. Claiming that their right of access to a court under Article 6(1) of the European Convention on Human Rights (ECHR) had been violated, the victims went on to file an application against Belgium at the European Court of Human Rights (ECtHR). On 12 October 2021, the ECtHR rendered its judgment in the case (J.C. and others v Belgium, only available in French).

Lees verder

In the name of love – In welke gevallen mogen jongeren seks hebben?

 Stel uw dochter, nichtje of buurmeisje van 15 krijgt een relatie met een jongen van 17. Ze hebben seks met elkaar. Wat vindt u hiervan? En wat vindt de wetgever hier eigenlijk van? Mag dit zomaar? Ze zijn beiden minderjarig, dus mag dit dan wel? En zou het nog uitmaken als uw dochter, nichtje of buurmeisje 14 jaar is en haar vriendje 15? Of 18? Of maakt het nog uit dat het eigenlijk helemaal niet haar vriendje is maar gewoon een jongen die ze tijdens het stappen tegen het lijf loopt? Op deze vragen is niet gemakkelijk een antwoord te geven, want wat vinden ‘we’ nog wel kunnen, en wat niet meer? Voor het boek ‘Opvattingen onderzoeken’ hebben we onderzoek gedaan naar de mening van de maatschappij over wat acceptabel is op seksueel vlak bij jongeren. In dit blog zullen we dieper ingaan op de sociaal-ethische aanvaardbaarheid van consensuele seks tussen jongeren. Lees verder