Categorie archief: Aansprakelijkheid en Schadevergoeding na Misdrijf

The Special Jurisdiction for Peace in Colombia: Challenges and Opportunities for Accountability

The Special Jurisdiction for Peace in Colombia (SJP) officially opened its doors on 15 March 2018. The SJP is one of the key accountability mechanisms of the Peace Agreement signed between the Government of Colombia and the Revolutionary Armed Forces of Colombia-Popular Army (FARC-EP) on 24 November 2016. In particular, the SJP is the judicial component of the Comprehensive System for Truth, Justice, Reparation and Non-Repetition, and is designed to investigate and prosecute serious violations of human rights and international humanitarian law committed during the Colombian armed conflict. To date 38 judges have been selected to sit at the SJP, 20 of the them are women. Additionally, 14 foreign judges will serve as observers. According to the Legislative Act 01 of 2017, the SJP consists of an Investigation and Indictment Unit, three Trial Chambers, and a Tribunal for Peace, which will have an Appeal’s Division serving as final instance. This article analyses some of the main features of the SJP as well as other complementary mechanisms in the quest for accountability. Lees verder

Het Stichtse Vecht-arrest: duidelijkheid over immuniteit?

Op 29 januari jl. verscheen een blog naar aanleiding van de voordracht tot cassatie in het belang der wet van het vonnis in de zaak Stichtse Vecht door A-G Machielse. Hij betoogde dat de rechtbank de officier van justitie ten onrechte ontvankelijk heeft verklaard in de strafvervolging van de gemeente. Er zou hier namelijk sprake zijn van een exclusieve bestuurstaak in de zin van het Pikmeer II-arrest, en dus van strafrechtelijke immuniteit van de gemeente. In het hiervoor genoemde blog is uiteengezet dat het criterium van de exclusieve bestuurstaak ruimte laat voor uiteenlopende interpretaties. Daarnaast is verdedigd dat het kwestieus is of de uitsluiting van de vervolgbaarheid van de overheid in een zaak als deze wel houdbaar is. Inmiddels heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan en het vonnis deels vernietigd. Geeft het arrest van de Hoge Raad meer duidelijkheid over het exclusieve bestuurstaak-criterium? En hoe kunnen de overwegingen over dit criterium vanuit EVRM-optiek worden beoordeeld? 

Door Eelke Sikkema en Ellen Gijselaar Lees verder

Voordeelsontneming na de modernisering van het Wetboek van Strafvordering – een eerste inventarisatie

Op 5 december 2017 zijn de nieuwe plannen ter modernisering van het Wetboek van Strafvordering gepresenteerd. Daarbij gingen de conceptwetsvoorstellen van de voorgestelde Boeken 3 tot en met 6 in consultatie. Veel onderdelen van het strafprocesrecht zullen worden aangepast als gevolg van deze grootscheepse moderniseringsoperatie. Dat geldt ook voor de aanpak van met misdaad verkregen vermogen. In Boek 6 worden voorstellen gedaan om het proces ter ‘ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel’ te herzien. Hiermee worden enkele praktische knelpunten weggenomen en wordt gehoor gegeven aan kritiek in de literatuur. De voorstellen roepen wel vragen op over de uiteindelijke wettelijke regeling. Lees verder

Slachtoffers van internet-oplichting: should we promise them a rose-garden?

Onlangs heeft het CDA gepleit voor een intensivering van de aanpak van internet-oplichting (zie hier). Naast uitbreiding van de opsporing en vervolging en het intensiveren van de privaat-publieke samenwerking, wordt gepleit voor verruiming van verhaalsmogelijkheden. Het voorstel komt niet onverwacht; in de media is veel belangstelling voor slachtoffers van internet-oplichting (bijvoorbeeld in het programma Kassa). Bestrijding van horizontale fraude (fraude tussen particulieren) via het strafrecht is op zich natuurlijk legitiem; de bescherming van het sociaal-economische verkeer is immers een publiekrechtelijk belang. De overheid vent die boodschap uit, want roept op tot het doen van aangifte van internet-oplichting. Daar tegenover staat dat algemeen bekend is dat het afsluiten van financiële transacties via het internet risico’s meebrengt. Dat weerhoudt de gemiddelde burger niet van koop en verkoop via dit medium. Is het dan legitiem om van de strafrechtelijke overheid te vragen om verruimde verhaalsmogelijkheden te bieden, zoals het CDA voorstelt? En is, in dat spoor gedacht, de stelling van minister Blok, dat de aanpak van online fraude en offline fraude niet wezenlijk moet verschillen realistisch (Kamerstukken II 2016/17, 34615, 10,  p. 32)? O
Lees verder

What the English just heard about Tilburg

Dr Kool’s commentary on the Kim Holland affair is both interesting and thought-provoking. For an English academic lawyer, the case is particularly so for its technical detailed legal issues as well as its insights into the role of criminal law in society. What would we do in England, if two people enter a Church and use confessional for the purposes of making a pornographic video of oral sex? What can we learn by the comparison of what the English might do, with what the Dutch have done?  Lees verder

Aansprakelijkstelling voor (verspreiding van) pornografie in de biechtstoel: een heikele kwestie

Porno-producente Kim Holland verkocht via haar betaalde sekszender onlangs een omstreden filmopname Het betrof een heimelijk opgenomen pijpscene tussen twee mannen, die zich afspeelde in de biechtstoel van de Rooms-Katholieke St. Jozef-kerk te Tilburg. De opname, gemaakt door de producent ‘Gekke Petertje’, wekte grote verontwaardiging bij het kerkbestuur, de pastoor, diens parochianen en het bisdom. Er werd dan ook aangifte gedaan wegens schending der eerbaarheid (artikel 239 Wetboek van Strafrecht). Het Openbaar Ministerie heeft inmiddels, na ampele overweging, laten weten niet te zullen vervolgen. Holland heeft spijt betuigd en de opname van haar site verwijderd. Het Openbaar Ministerie beschouwt de opname als ‘kwetsend en respectloos’, maar niet als strafbaar. Het kerkbestuur is in overweging gegeven een civiele actie op grond van een onrechtmatige daad te starten.  Dat laatste ziet het bestuur echter niet zitten. De teleurgestelde pastoor gaf aan dat niet alleen Gods wegen, maar ook die van Justitie ondoorgrondelijk zijn. Lees verder

AMERICA FIRST, THE NETHERLANDS SECOND? Over overlappende rechtsmacht over corruptie door multinationals

Corruptie wordt steeds meer gezien als een groot internationaal maatschappelijk probleem: het beperkt internationale groei, beschadigt het vertrouwen in instituties, vergroot de kloof tussen arm en rijk en het zet bestaande maatschappelijk spanningen op scherp. Internationaal opererende bedrijven worden dan ook steeds vaker ter verantwoording geroepen voor corruptie in het buitenland. Toch zijn er tussen landen nog grote verschillen in de handhaving van anti-corruptie wetgeving. De Verenigde Staten en Nederland hebben overlappende rechtsmacht over een groot deel van de multinationaal opererende bedrijven. Toch gaan beide landen anders om met hun wetgeving over corruptie. Voor de vergelijking wordt het concept rechtscultuur gebruikt: de ideeën, houdingen, waarden en meningen over het recht die heersen in een samenleving.
Lees verder

Civiel schadeverhaal via het strafproces and beyond

civiel-schadeverhaalHoe staat het met het civiele schadeverhaal anno 2016? Dat was de vraag waarover wij ons de afgelopen maanden hebben gebogen. In een uitgebreide verkenning hebben we, gebruikmakend van verschillende onderzoeksmethoden, onderzocht hoe succesvol het schadeverhaal van slachtoffers van delicten via het strafproces verloopt, hoe dat in de praktijk verloopt en welke problemen zich daarbij voordoen. Vergelijkingspunt was de evaluatie uit 2007, destijds uitgevoerd door Van Wingerden, Moerings en Van Wilsum. Nu gaan we niet herhalen wat elders te lezen valt. Volstaan kan worden te melden dat de kans op succesvol schadeverhaal via strafrechtelijke weg significant is toegenomen. Dat is mooi, maar er is geen reden om een loflied op de strafrechtspleging aan te heffen in dit verband, want er zijn nog steeds beletselen die schadeverhaal in de weg staan. Welke dat precies zijn is te lezen in het rapport, hier kan worden volstaan met aan te geven dat die beletselen samenhangen met enerzijds de ‘mechanische werkelijkheid’ van de strafrechtspleging en anderzijds de ‘levende werkelijkheid’ van de slachtofferervaring. De ingevoerde lezer ziet de bui al hangen, en inderdaad, de strafrechtspleging blijkt nog (steeds) niet in staat om de tragiek, en in dit geval de daarmee gepaard gaande schadelijke gevolgen, van menselijk lijden voldoende te redresseren.
Lees verder

De zaak Jos van Rey: vele tinten grijs?

roermond“De Heilige Jos, El Rey, de Zonnekoning van het ‘Palermo aan de Maas’”: met die woorden opent de strafmotivering in het vonnis van de Rechtbank Rotterdam in de strafzaak tegen Jos van Rey (http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2016:5272). Het betreft verschillende bijnamen die de verdachte in de (sociale) media toebedeeld heeft gekregen. De rechtbank werpt de vraag op of hier sprake is geweest van stemmingmakerij die is verbleekt. “Of ligt de zaak genuanceerder en is er geen sprake van zwart of wit, maar van een palet van vele tinten grijs?”. De beantwoording van deze vraag door respectievelijk het OM en de rechtbank loopt in deze zaak sterk uiteen. In deze blog doe ik een poging om dit verschil te verklaren, waarbij ik enkele kritische kanttekeningen zal plaatsen bij de inhoud van het vonnis. Waar de rechtbank veel betekenis toekent aan het grijze gebied aan (wat zij noemt) de ‘achterkant’ van corruptie, zal ik benadrukken dat de essentie van het strafwaardige gedrag juist reeds aan de ‘voorkant’ moet worden gezocht.
Lees verder

In lijn met Europees schadevergoedingsrecht wendt de Hoge Raad overcompensatie af

iStock_000007069075MediumKartels kunnen een grote nasleep hebben, ook voor het schadevergoedingsrecht. Voortbordurend op kartelbeschikkingen rondom luchtvracht, paraffine was, liften en roltrappen, natriumchloride, bier en de distributie van elektriciteit, stellen benadeelden van deze kartels schadevergoedingsacties in. Voor deze zogenaamde follow-on procedures is een bijzondere regeling opgenomen in een recente Europese Richtlijn die naar verwachting eind dit jaar in ons recht wordt geïmplementeerd. Dit neemt evenwel niet weg dat de berekening en vergoeding van kartelschade bron van discussie blijft. Lees verder